Voetbaltoernooi op slotdag festival

Ook dit jaar is het voetbaltoernooi in Oisterwijk een van de attracties van het Kwartiermakersfestival. Het toernooi vindt plaats op vrijdag 7 oktober, wederom in sportpark ‘Den Donk’.

Slotfeest Hall of Fame

Vrijdag 7 oktober van 19.00 tot 1.00 uur: slotfeest in de Hall of Fame met een verrassend en gevarieerd programma. Ontspannen muziek, alsmede een DJ, VJ, theater en lekker eten…

 

Het taboe op het even niet aankunnen

Een op de vijf mensen krijgt in zijn leven psychische problemen. Velen slagen erin die te overwinnen. Door openheid over hun verleden kunnen ex-cliënten voor lotgenoten padvinders zijn. Vandaag over de taboes waarop ze stuiten tijdens hun weg terug.

Nee, Sandra Tamming (50) uit Oisterwijk wil niet met haar foto in de krant. Ze werkt als verpleegster en denkt dat het haar functioneren negatief zal beïnvloeden als men op het verpleegtehuis weet, dat zuster Sandra er drie jaar geleden zelf psychisch onderdoor ging.
En dan zijn er haar zonen, die zouden er mogelijk mee gepest worden als in de krant zou staan dat hun moeder ooit psychiatrisch verpleegd werd.
Er rust een taboe op, als iemand het leven even niet aan kan of niet aan heeft gekund.

Boy Jonkergouw

Dat merkte ook Boy Jonkergouw die afgelopen donderdag in deze serie Padvinders aan het woord kwam.
“Boy, je bent een veelbelovend theatermaker, hoe kun je nou in de krant laten zetten, dat je vijf jaar psychisch uit de running was?”, vroegen vrienden. “Ik schrok. Zou ik mijn eigen ruiten ingegooid hebben, vroeg ik me af. Maar al vlug kwam ik tot andere gedachten. Mijn eerste theaterstuk heet niet voor niks De Missionaris. Mijn missie is het juist om de negatieve klank die het woord ex-cliënt heeft, om te draaien. Nou zie je maar hoe nodig het is dat er iets bestaat als het Kwartiermakersfestival. Dat probeert het ex-cliënt-zijn uit de taboesfeer te halen. Prima, iedereen mag weten dat ik het psychisch moeilijk heb gehad, mede daaruit put ik mijn kracht.”
Overigens kan hij zich best voorstellen, dat iemand als Sandra Tamming haar psychische collaps van enkele jaren geleden liefst geheim houdt. “Maar zij werkt dan ook in de verpleging, in de kunst kun je het makkelijker verkopen.”

Sandra Tamming

Sandra Tamming was drie jaar gescheiden toen ze haar problemen kreeg. Ze was 21 jaar met haar man samen geweest en dacht hem te kennen, toen bleek dat hij ook nog een vriend had. Tamming kwam alleen te staan met haar twee kinderen, de oudste heeft adhd, de jongste was pas tien. Ze wilde voor haar kinderen alles zo normaal mogelijk houden. Dus werkte ze door als verpleegster en wilde ook dat thuis voor de kinderen alles perfect was.
En toen, op een avond dat ze alleen was, schreef ze een brief aan een goeie vriendin in Frankrijk die ze zolang al niet gezien had. Ze schreef hoe het met haar ging, en plotseling knapte er iets. Ze raakte in paniek en voelde dat ze het helemaal had gehad. Met alles. Ze nam alle pillen in die er in huis te vinden waren, Tamming wilde er niet meer zijn.
Gelukkig kwam er een vriendin langs. Die zag meteen dat het goed fout was en bracht haar naar het ziekenhuis. Daar werd haar maag leeggepompt en ze moest blijven op de psychiatrische afdeling, twee weken, drie maanden. Ze wilde naar huis, want dan zou alles over zijn. Dacht ze.
Uiteindelijk werd ze na vier maanden ontslagen, augustus 2003. In eerste instantie ging het goed, maar in november liep het mis. Twee keer achter elkaar. Weer pillen! Ze werd nu niet opgenomen, moest er thuis bovenop komen.
“Ik wilde toch zo graag dat het goed zou gaan”, vertelt ze nu. Haar gezicht vertoont pijnlijke trekken bij de herinnering. “Ik had het gevoeld dat ik faalde, omdat ik het herstel niet vol kon houden. Ik zat daar maar in huis, hele dagen in mijn pyjama en kwam tot niks. Ik schaamde me en was bang dat mijn omgeving genoeg van me zou gaan krijgen. Ik moest stappen ondernemen.”
Via allerlei hulpinstanties kwam Sandra Tamming er weer langzaam bovenop. Samen met een hulpverlener stelde ze een weekschema op en probeerde zich daaraan te houden. Ze ging naar het activiteitencentrum in Moergestel, eerst een uurtje, later langer, om te schilderen, of gewoon wat te kletsen.
“Ik was erachter gekomen dat het niet verder kon zoals het ging, maar dan is het nog keihard werken om jezelf weer op de rails te krijgen. Ik hoop het nooit meer mee te maken. Je bent jezelf zo kwijt, je hebt geen spatje vrolijkheid meer, geen spatje humor. Ik had heimwee naar mezelf, maar ik kon mezelf niet pakken, had de energie er niet voor.”
In de loop van 2004 ging ze weer voorzichtig aan het werk. Op therapeutische basis. Haar genezing zette door. “Ik voelde de vaste wil om er op een goeie manier uit te komen, was soms weer blij, kon zelf weer mijn centjes verdienen en wat helemaal prettig was: ik kon zo nu en dan weer iets voor iemand betekenen.”
Vorig jaar is Sandra Tamming weer volledig gaan werken, weer in de verpleging, ze doet nachtdiensten in een verpleegtehuis en voelt zich weer sterk. De dood van een vriendin, de dood van een zus, het heeft haar diep geraakt, maar niet uit het lood geslagen. “Er komen geen depressies meer, ook omdat ik eerlijker ben naar anderen en mezelf bloot durf te geven. Als het even niet lekker gaat, zeg ik dat gewoon. Vroeger moest ik van mezelf per se aan de hoogste normen voldoen, nu durf ik voortaan niet volmaakt te zijn.”

Rob van Steensel

Iemand die het taboe op het zwijgen van ex-cliënten doorbreekt is Rob van Steensel (59) uit Tilburg. Hij is niet een ex-cliënt die via een psychose of een depressie in de psychische zorg terecht kwam, bij hem was het zijn drankverslaving. Via een opname in een pschychiatrische afdeling van een ziekenhuis en interne verpleging via Kentron, kwam hij van de drank, maar raakte tezelfdertijd wel thuisloos. Hij woont alweer vier jaar in een opvanghuis van de Stichting Traverse in Tilburg. Bijgestaan door ex- PON-directeur Piet de Kroon schreef hij het boekje ’De scherven weer bij elkaar’. “Ik zag het schrijven niet als het doorbreken van een taboe, maar als weer enigszins een positieve invulling geven aan mijn leven”, verklaart Van Steensel. Zijn boekje ziet het licht bij de opening van het Kwartiermakersfestival in Waalwijk het licht.
Rob van Steensel is een oud-beroepsmilitair die terug kan kijken op een geslaagde carrière in het leger. In het boekje zoekt hij naar antwoord op vragen als ’Waar ging het fout? En hoe nu verder?’.
Van Steensel geeft ook voorlichting over daklozen op scholen. “Weet je wat een kind vorig jaar november vroeg? ‘Als jullie ’s nachts op straat lopen, zien jullie de Sint dan wel eens?’” De oud-militair lacht, zijn situatie is niet ideaal, maar dankzij het feit dat hij erover durft te praten, kan hij weer lachen.

(oorspronkelijk gepubliceerd in: Brabants Dagblad, zaterdag 21 oktober 2006)